Terug naar Auckland – Dag 18

Eigenlijk is er op een dag als vandaag weinig te vertellen. ‘s Ochtends vroeg opstaan, de laatste dingen regelen, zoals afvalwater lozen, toilet legen dieseltank opvullen en in de ochtendspits naar het verhuurbedrijf rijden. Onze bus wordt na een korte inspectie goedgekeurd. Het schoonmaken van gister is duidelijk uitgebreider dan noodzakelijk, maar we hopen dat de schoonmakers blij zijn met een beetje voorwerk van onze kant.

Verder zien we nog snel dat we 2404 kilometer gereden hebben in de afgelopen weken. Een beste afstand, daar kunnen we tevreden mee zijn. Na nog een keer zwaaien naar de bus vanuit het shuttle busje dat ons naar de vertrekhal brengt waar we nu veel te vroeg zijn, vriendelijk geholpen worden met het inchecken bij de automaten en door een norse kerel gesommeerd worden onze bagage eerst te wegen voor we het op de band zetten. Gelukkig hebben we dat al gedaan en de 25.5 en 23.5 kilogram hebben we al terug gebracht naar 23. De man gelooft ons uiteraard niet direct, maar we willen onze claim niet al te hard maken, want we hebben alleen gewogen wat we uit de tassen gehaald hebben. Het resultat: 23.0 en 22.9 kilogram. De man vertrekt geen spiertje en heeft dus – zo concluderen wij – geen greintje gevoel voor humor.

En dat was wel het meest spannende van vandaag. Alhoewel het uitzicht vanuit het vliegtuig ook wel aardig was. Zo zagen we dat we toch de grootste van de twee besneeuwde vulkanen net na Turangi hebben gezien. Vanuit de lucht is nog duidelijker te zien dat het vulkanen zijn. Toch nog eens de namen van de vulkanen opzoeken.

Nu zitten we in een Formule 1 hotel; het Novotel had alleen kamers vanaf 399 dollar beschikbaar. Dat vonden we toch net iets te gortig (Marije protesteert wat, want het was wel ver lopen). Richard heeft nog maar 2 keer z’n hoofd gestoten aan het bed. Final count morgenochtend.

De avond brengen we door in het restautant naast (onder) het hotel. Daar blijkt een Nederlander te werken, die weliswaar moeite heeft met het idee Nederlands te kunnen praten, maar na drie jaar toch zijn Rotterdamse accent niet kwijt is. Anders dan dat meisje in de Irish Pub in Auckland dat we eerder ontmoeten en al na een jaar een zwaar Engels accent op haar Nederlands had. Jaja.

Het eten smaakte ok, de biertjes, op aanraden van de Nederlandse kelner, prima. Met name het gingerbeer met citroen en mintblaadjes. Erg verfrissend lekker. Toch duiken we op tijd ons bed in, want we moeten morgen ons bed al verlaten op een tijdstip dat ze op onze eindbestemming nog niet aan naar bed toegaan denken.