Northland – Dag 1

Aankomst op Auckland International Airport, na een lange, lange reis. Best ver weg dat New Zealand. Na onze bagage eindelijk gevonden te hebben (een van onze koffers blijkt ergens op een karretje in de buurt van de ‘odd sized luggage’ te staan) en door de douane het land in gelaten te zijn, drinken we eerst eens een bak koffie en eten we een echt broodje. Beter dan het voedsel dat we de afgelopen anderhalve dag in het vliegtuig gekregen hebben.

Een belletje naar het camperverhuur bedrijf, een half uurtje wachten en daarna nog meer wachten in een wat aftands aandoend kantoortje en we krijgen ons onderdak voor de komende weken mee: een mooie Volkswagen bus met automaat, een soort van douche-toilet combinatie, die we tot op heden alleen als noodtoilet gebruiken, een keukentje en een stel banken die we om kunnen bouwen tot bed. Prima voor elkaar. Nu nog de weg op. Marije stapt gelukkig aan de juiste kant in, dus ik mag rijden. Op naar het noorden, langs Auckland over Highway 1, die we niet al te ver na de stad verlaten om de tolweg te vermijden en een scenic route langs de oostkust te kunnen rijden. Het gaat soms stijl op en neer, maar onze bus weert zich kranig.

Als we weer op de grote weg komen, is deze net verworden tot een 2 baans weg die zich verder naar het noorden slingert, in horizontale en verticale zin. Maar het rijdt prima. Het weer is ok, maar het wordt steeds grijzer. Tegen de tijd dat we de eindbestemming bereiken – Whangerei – valt niet alleen het duister bijna in, maar valt de regen met bakken uit de hemel. We vinden onze eerste camping, sluiten de electriciteit aan en kunnen daarmee ons eerste campingmaaltje bereiden. En de verwarming aanzetten. Het koelt buiten stevig af en wij hebben het eigenlijk ook wel een beetje gehad. Het is dus nog best vroeg als we de achterste helft van de bus ombouwen tot bed en terwijl de regen neerklettert op het dak, slapen wij lekker. Om weer lekker vroeg wakker te zijn. Zo tegen de middagkoffietijd, of misschien dat moment van de dag dat je denkt “nog een uurtje en ik kan naar huis”, denkt ons lichaam dat de volgende dag alweer begonnen is. Het is dan alleen nog knettertje donker en dat blijft het nog wel een paar uur – dat heb je zo om 2 uur ‘s nachts. Gelukkig is een vliegreis van meer dan een etmaal vermoeiend genoeg om er nog een paar uurtjes slaap aan toe te voegen.