Northland – Dag 3

En weer worden we de volgende dag wakker met boven ons een blauwe lucht. Het enkele sluierwolkje doet niets vermoeden van de enorme regenbuien die ‘s nachts overgetrokken zijn. We breken op en snuiven eerst wat cultuur in Waitangi, bij de Waitangi Treaty Grounds. Hier hebben de nieuwe bewoners de eerste pogingen ondernomen het nieuwe land van enige vorm van bestuur te voorzien. Kennelijk is dat wel een beetje gelukt, alhoewel het wel opvalt dat de Maori, op een enkel onenigheidje na, kennelijk nooit zo’n groot probleem van hebben gemaakt dat er nieuwe eilandbewoners bij kwamen, met hele andere leeftgewoonten en gebruiken.

PhotoBook-01-11PhotoBook-01-12Uiteraard is er op de Waitangi Treaty Grounds ook een Maori roeiboot te bewonderen. Een indrukwekkend apparaat. Weliswaar strikt genomen een roeiboot, maar naast de bewonderingswaaardige vaardigheden die nodig zijn om zo’n boot te maken, is het sowieso bewonderingswaardig dat de Maori met zulke boten de oceaan bedwongen hebben.PhotoBook-01-13PhotoBook-01-14PhotoBook-01-15De reis gaat verder langs Puketona, Pakaraka, Ohaeawai, Ngawha, Kaikohe, Taheke, Waima, Omanaia, Whirinaki, Pakanae – gehuchten die allemaal op de kaart staan, maar uit slechts een paar huizen bestaan. Ondertussen houdt de touristen radio, die we bij het ‘valuepack’ gratis meekregen ons op de hoogte van wat er allemaal in de omgeving te zien is en wat voor vele andere dingen er te doen zijn die georganiseerd worden door de sponsoren van de radiozender. En, oh ja: rij voorzichtig.PhotoBook-01-17

In Oponoi stoppen we kort om het strand te bekijken en uit te kijken over de Tasmanzee. We zijn aan de andere kant van Northland – de westkant – aangekomen. Er werd op de toeristenradio een verhaal verteld over een dolfijn. Er schijnt een standbeeldje van te zijn geweest, maar dat hebben we gemist. Teveel naar de fantastische natuur gekeken…PhotoBook-01-18PhotoBook-02-01We rijden verder door, zuidwaarts, door het Waipoua forest. Hier groeien veel Kauri bomen, de een na grootste bomen ter wereld. Ergens in de buurt staat de God van het Bos, of was het nu de Vader van het Bos? Als dat laatste dan eigenlijk de bet-bet-bet-overgrootvader van het bos, want de boom staat er al een poosje. Een jaartje of 2000 schat men. Dat heeft dan weer geresulteert in een hoogte van ruim 51 meter en een omtrek van bijna 14 meter. Het gekke is dat wanneer je het pad afwandelt naar deze boom, je hem ondanks zijn toch wel aanzienlijk forsere formaat ten opzichte van de andere bomen, niet ziet staan tot je er vlak voor bent. Die wandeling duurde overigens aanzienlijk korter dan het bordje deed vermoeden: er werd een looptijd van 5 minuten aangegeven, maar als je de afstand kruipend had afgelegd was je misschien nog niet aan die tijd gekomen. Na ongeveer een minuut hadden we de boom bereikt. Overigens hebben we wel netjes op het pad gelopen, want als je op de wortels van zo’n woudreus gaat staan, dan valt ie om. Nou ja, niet meteen natuurlijk, maar kennelijk is zo’n mastodont niet erg bestand tegen voetgangers die over zijn wortels lopen. Geen evolutionaire druk gehad om die bestendigheid te ontwikkelen?PhotoBook-02-02PhotoBook-02-03We slingeren verder door, door het ontzettend mooie bos, dat uiteraard niet op een vlak stukje grond gebouwd is en de kilometers glijden zo traag onder de wielen van de bus door. Desalniettemin bereiken we de geplande eindbestemming, Dargaville, voor het donker. Dat wil zeggen: iets voor Dargaville is een afslag naar de kust, waar een camping is. Lekker rustig, vlak bij het strand. Dat wel behoorlijk wat meters lager ligt merken we als we er even heen wandelen. Op het strand zien we een enorm donkere lucht boven de zee hangen. Prachtig. In Australie regent het – en straks ook hier. En ondanks het mooie weer van die dag, heeft het kennelijk de laatste tijd wel veel geregend, want de grond op de camping bleek aardig drassig. Sorry beheerder voor het stukje omgeploegde gras… Ik ging er ook eigenlijk van uit dat de bus voorwielaadrijving had. Niet dus – en dus was achteruit het drassige veld op rijden misschien niet zo’n goed plan.

De regen kwam en bleef.