Coromandel Town – Whitianga

De lucht zou blauw moeten zijn. Zou is niet een goed woord. Zou betekent namelijk dat de werkelijkheid anders is. En de werkelijkheid is grauw, grijs en nat. De regen drizzled gestaag naar beneden om soms over te gaan in regen met echte druppels. De weersvoorspelling zit er volledig naast, maar toch vertrouwend op enige waarheid in de voorspelling van de huidige dag, zien we de kansloosheid van vandaag meteen onder ogen: een paarse vlek over het gehele schiereiland, die niet verdwijnt voor een uur of 4 in de middag. De rest van New Zealand doet het zonder regen vandaag.

Als we op pad gaan is de regen net wat minder, en zo zullen er vandaag nog een paar momenten zijn. Even genieten, want binnen de kortste keren rijden we weer door een waas van fijne regendruppels. Minstens.

En dan genieten…. de eerste 5 kilometers gaan nog. Slechts een kleine, felle klim en dan rustig wat op en neer, voornamelijk dalen naar Coromandel Town. Dan wacht echter een beest van een klim. Bijna 4 kilometer lang en tot bijna 400 meter hoogte. Dat is inderdaad een gemiddeld stijgingspercentage van 10%. Het blijkt al snel te veel te zijn voor Marije en haar fiets. Het kleinste verzet is niet klein genoeg om soepel door te blijven draaien en op kracht lukt zo’n helling niet. Er zit dus niets anders op dan lopen.

Een nederlaag is echter ook altijd weer een overwinning: op een gegeven moment staan we namelijk op de top. De noeste arbeid wordt echter slechts beloond met de dichte mist van de laaghangende regenwolken. We zien niets anders dan grijze massa. We beginnen dus snel aan de afdaling, alhoewel we de snelheid op dit bochtige parcour niet te hoog laten oplopen.

P1000266Uitzicht op de top…

P1000268In 2002 stond ik ook naast dit bord – toen was het nog leesbaar…

P1000269… en deze keer is Marije er ook bij!

Door via Maratangi te rijden, kunnen we een stukje grote weg omzeilen (alhoewel het absoluut niet druk is), maar belangrijker een steile klim. Eerst eten we echter in de regen, aan het strand onze lunch: de tweede helft van het kerstavond diner. Het smaakt prima, maar zitten lunchen in de stromende regen is toch niet wat we ons voorgesteld hadden van deze tocht. Ook onvoorstelbaar zijn de overstoorbare New Zealanders die in zwembroek over het strand rennen en de zee in duiken. Wij duiken dieper in onze regenjassen.

Snel verder dus maar, want we koelen ook snel af als we stil staan. De weg stijf langs het water is onverhard en vergt wel wat klimwerk, maar relatief gezien zijn dit echt niet meer dan peuleschilletjes. Dit stelt niets voor. De massa aarde en rotsblokken die de weg 500 meter verder volledig hebben weggevaagd wel. We hadden ook niet bedacht dat het pionnetje aan het begin van het onverharde betekende dat de weg afgesloten (weggevaagd) was.

Terug naar de hoofdweg en ja, dus ook de klim pakken… Gelukkig is de klim niet zo lang, maar ik moet toch wel even doorbijten om op het laagste verzet boven te komen. Vandaar loop ik naar beneden en neem Marije’s fiets over en zo wandelen we verder naar boven. Zo hebben we inmiddels al een paar andere hellingen bedwongen.

Dan opeens wijst Marije schuin omhoog: “ik zie blauwe lucht!” Het is inderdaad ook net weer wat droger geworden en de wolken hangen niet meer zo laag. Het is nog niet zo ver dat het stukje blauw ook voor direct zonlicht duurt, maar het begin is er.

Het einde is echter nog niet nabij: er moet nog wel even een colletje bedwongen worden. Dat gaat moeizaam, want het is een stijle puist. Marije stopt regelmatig en loopt stukken, maar elke keer zet ze toch haar versnellingen in een zwaarder verzet om weg te kunnen rijden voor nog een poging de berg fietsend te bedwingen. Net voorbij de top is een picnicplaats, waar we de zon achter de laatste wolken vandaan zien komen. Het blauw heeft uiteindelijk gewonnen. De warmte van de zon voelt heerlijk aan en onze natte schoenen, sokken, fietshandschoentjes en uiteraard wijzelf drogen op – of althans ten dele.

P1000270De lens van de camera is nog wat vochtig, onze regenjassen al bijna niet meer.

De laatste kilometers gaan makkelijk: berg af, daarna vlak en in de zon. De blauwe oceaan ziet er ineens veel aantrekkelijker uit. Het is ronduit prachtig hier! Groen, in allerlei tinten, blauw – van het water en de lucht – wit van de rotsen, zwarte rotsen die de vulkanische aard van dit land blootleggen. En heerlijk die warme zomerzon!

P1000272De kleuren zijn ineens zoveel mooier!

P1000273En ja… het is eerste Kerstdag….

Whitianga is niet ver meer en al snel zijn we in het stadje en hebben de Bed & Breakfast gevonden waar we de nacht door zullen brengen. Een grote villa bewoond door aardige, oude mensen met een tuin met een gazonnetje in plaats van een grasveld. De kamer ruikt intens citroenfris, maar de douche is goed en het vuil van een dag in de regen fietsen verdwijnt als sneeuw voor de zon. De zon die we buiten nog even opzoeken als we naar een van de weinige geopende eetgelegenheden lopen: take away fish & chips, met ginger beer. Geen echt bier, want het is kerst en dan wordt er geen alcohol verkocht.

Morgen schijnt de zon. De weerberichten weten het nu zeker.

 Vorige dag

 Volgende dag

Hoofd menu Coromandel fietstocht