Nakijken

Bijna tweehonderdveertig toetsen om na te kijken. Gelukkig hoef ik het niet helemaal alleen te doen en het is soms best gezellig. Na anderhalve dag word je er soms ook bijna melig van: Te veel fouten van de studenten waarvoor je toch duidelijk gewaarschuwd hebt – ik vertel de studenten altijd wat ze fout gaan doen. Ik zal verder niet uitwijden over de oorzaken van de diepe zuchten, gepaard gaande met een rode pennenstreek over de hele breedte van de pagina…

Anderhalve dag nakijken – enerzijds een ‘prestatie’, anderzijds kun je je afvragen of het niet een achterhaald systeem is. Er zijn inmiddels toch aardig wat digitale methoden om te toetsen. Kost initieel wat tijd, maar dan zou het toch goed moeten werken. Afgelopen woensdag had ik echter een gesprek met de uitgever van de digitale leeromgeving. Ik vind dat de opgaven niet op academisch niveau zijn en dus moet ik heel veel tijd besteden aan het herinrichten van de opgaven – en loop dan tegen een groot aantal beperkingen of ook fouten in de software aan. Toch vreemd, zeggen de vertegenwoordigers dan, dat het over de hele wereld gebruikt wordt en alleen jij dit punt maakt. Tjsa, misschien is het eigenwijs, maar een invuloefening vind ik toch echt niet academisch, ook al vindt de rest van de wereld het prima om met deze leeromgeving te werken.

Nog maar een jaartje ouderwets nakijken dus. Begin november is de tweede toets, dus dan sluiten we ons weer op voor anderhalve dag tot twee dagen. Wellicht met pepernoten. Maar over politiek had ik al eens besloten het niet te gaan hebben. Dus ook niet over de spandoeken die de enige smet op mijn duurloop van vadaag waren. Zeg maar opgehangen door mensen die maar beter kunnen emigreren – als zij tenminste ergens wel welkom zijn.