Dag 4 – Eten voor een weeshuis

Bewolkt. De ochtend start onder een grijze deken. Het voordeel: het is net iets minder fris. Nog steeds is het prima weer om te lopen. Met MPM-er Thijs vertrek ik voor een ochtendtraining door de heuvels. Een paar hoogtemeters pakken nu het kan. Het tempo is iets hoger dan de voorgaande dagen en we zijn, niet geheel de bedoeling, ook iets langer onderweg. De weg is echter verkend, de route voor de middag training is bepaald.

Maar eerst ontbijt. Er is altijd wel iemand die zorgt voor gebakken eieren met spek, gekookte eieren, of iets anders dat de maag van een hardloper goed vult. Vandaag was het Sophie, gister wat het Lisanne: wie maakt morgen scrambled eggs?

Proteines zijn natuurlijk heilig hier in huis. Naast een gezonde overdosis fruit (de lokale middenstand lijkt beter voorbereid: er zijn voldoende bananen te krijgen, en voldoende = minimaal veel). De proteines worden uit kwark gehaald (emmers gaan er door!), waar allerhande noten, muesli,en fruit aan toegevoegd worden. We doen net alsof we heel gezond zijn.

Dat we feitelijk gewoon niet sporen is uit de rest van ons gedrag op te maken. Een deel stapt op de fiets, een enkeling – Daan – zelfs voor de tweede keer die dag en maakt een kortere of langere tocht (bijna 4 uur…). De rest pakt even de rust: koffie op het terras in de zon (die schijnt weer volop), aan het strand in Monte Gordo (met op de achtergrond het gereutel van Nederlandse overwinteraars (nee, Jan R – zie fb – je valt nog niet in die categorie, want bij mijn weten ben je nog geen 75)).

Daarna gaan we weer eten – lunch. Het is een trainingskamp, maar soms zou je denken een eetkamp. De middenstand moet goed voorbereid zijn, maar verdient dan ook goed aan onze aanwezigheid.

Na de “rustige” 4:40 door de heuvels, staat er vanmiddag een DL2 op het programma. Daan stoomt ons nog even warm – prima oefeningen, nog niet te beulerig. Het is geen Elke, misschien een Elke light. Hoe lang nog? En trouwens: waar haalt hij die energie vandaan? ADHD is soms wel handig – laten we het daar op houden.

De DL2 start goed. Oke, 200 meter iets stijgen, maar dan tot de poort van de villawijk, het eerste kilometerpunt, aangenaam naar beneden. Rechtsaf en nog steeds iets dalen. De wind, die sterker is dan de eerdere dagen en sterker dan in de ochtend. Dat merken we helemaal als we links afslaan en verder doordraaien landinwaarts. De weg stijgt en de wind is vol tegen. Ik loop al een eindje voor – misschien gelukkig maar. Deze route was mijn idee, de anderen zullen me dankbaar zijn op dit moment….

Na de loop staan we 10 minuten in het koude water. De wetenschap erachter? Vast niet waterdicht, maar het lijkt wel goed te voelen. Dus we doen het. Inderdaad, feitelijk sporen we gewoon niet.

En dan is het alweer tijd om te eten. Met vier of vijf personen snijden we ui, tomaten, champignons, avocado’s (die Anja gebruikt voor een quacamole), paprika’s, komkommers, kip en chorizo voor een weeshuis. Om er zeker van te zijn genoeg te hebben, komt er ook mozzarella en feta kaas op tafel. En gewone geraspte kaas. En een blik zwarte bonen. En een blik witte bonen met een zwart oogje. En twee blikjes mais. En twee kroppen sla. En dat alles om een enorme stapel wraps te kunnen vullen. Recept? Daar doen we niet aan. Het komt op tafel en het overgrote deel verdwijnt. Een klein restje verdwijnt in de koelkast voor morgen. Want morgen wordt er ook weer gegeten. Vooral veel.

Oh ja: nog wel ijs toe. Ook lekker.

Dan de zooi opruimen (de ontplofte keuken), koffie, voor sommigen een biertje, een spelletje en zo vervliegt de avond. Morgen weer een dag. Weer een dag hardlopen, morgen naar de baan. Zin in.