Dag 5 – Overleven op de baan

We hebben de dag weer overleefd. Dat klinkt heftig, maar de dag hakte er eerlijk gezegd wel in. M’n nieuwe Garmin horloge geeft aan dat het herstel redelijk is. Meestal doe ik in het begin niet zoveel uit op dat soort meldingen, maar vandaag voelt het inderdaad als redelijk hersteld. Samen met Wouter loop ik rustig door het zoutwingebied. Als we dat overgestoken hebben, slaan we linksaf richting Castro Marim – wat wel een aardig plaatsje blijkt te zijn. Na een minuut of 70 zijn we terug, het moment dat de rest een beetje aan het ontwaken is. Behalve dan de strandwandelaars (Anja, Ellis, Sophie en Rene), die een paar mooie foto’s maken.

Dan ontbijt – met scrambled eggs. Die ik maar zelf maak, omdat mijn vorige post pas na het ontbijt op internet gezet kan worden – de wifi router lijkt het zwaar te hebben en er zo nu en dan de brui aan te geven. Nu heb ik nog nooit scrambled eggs gemaakt, maar lijkt wel goed te lukken, getuige de reacties en de vaart waarmee alweer tien eieren verdwijnen.

Verder is het vandaag luieren en opladen voor de baantraining. Langzaam aan neemt de onrust aan het begin van de middag toe. De rust heeft kennelijk z’n werk al gedaan. Om drie uur zijn we op de baan en draaien het gebruikelijke programma af: inlopen, core-stability, loopscholing en dan het loopprogramma. Het valt ons meteen op de binnenste banen nieuw zijn. Nu zit de ondergrond wel goed vast. Geen hobbels, geen loshangende stukken in de binnenbaan, maar twee mooie nieuwe, iets zachte banen.

Het programma is 200-150-120-100 en dat drie keer. Sprinten. Meestal heb ik een dergelijke afstand al overbrugd voordat ik fatsoenlijk op gang ben. En inderdaad snellen mij nu de andere lopers voorbij die ik in de duurloop weer voorblijf. Bovendien is het best even afzien als je twee dagen achtereen meer dan 30 kilometer loopt, met gister ook aardig wat hoogtemeters en dan ineens moet sprinten. Protest van de spieren.

Toch gaat de tweede 200 meter sneller dan de eerste en de derde net zo snel als de eerste. Ook de andere afstanden lijken redelijk constant te gaan – zowel qua tijd als wat betreft degenen die sneller zijn dan ik. Het is ook leuk om zo tegen elkaar te lopen. Want die ene loper in je ooghoek die voorbij dreigt te komen, wil je toch echt wel voorblijven. Als toetje volgt dan nog een 400 meter. Oef. Die komt aan. Wat is dat ineens ver na al die korte afstanden. Het ijskoude zwembadwater is fijn – fijn voor de spieren en goed voor de mentale kracht (zie het water maar eens in te komen, dan moet je mentaal sterk zijn!)

De beelden worden morgen nog geanalyseerd, als de verbinding tussen de tablet en de televisie gefixt is. Tot nu toe hebben we alleen de foto’s van Niels nog maar die al ruimschoots verraden waar een paar glasheldere verbeter punten zitten. Ter inspiratie kijken we in de avond de Canvas documentaire over hoe Dennis Kimeto het wereld record marathon in Berlijn liep (2:02:57).

Enerzijds is het een duidelijke bevestiging van onze kansloosheid, anderzijds is het duidelijk dat ook de Kenianen echt wel moeten werken en kapot gaan. Als je wat wilt bereiken, moet je er wat voor doen, als je veel wilt bereiken moet je veel doen.

Voor de Duurloper (clubblad van LAAC) het recept van vandaag.

In stukken snijden en op een ovenplaat in de voorverwarmde oven:

  • Zoete aardappelen
  • Wortels
  • Paprika
  • Ui
  • Knoflook
  • Rode peper

Wokken:

  • Broccoli
  • Bloemkool

Daarnaast:

  • Kip (want mager en veel proteinen)
  • Black-eyed beans
  • Nootjes opegwarmd in de pan
  • IJsberg sla, met paprika, cherry tomaatjes, fetakaas en olijfolie en balsamico dressing

Hoeveelheden en tijden? Veel en tot het gaar is. En vergeet niet: het is zo weg….Dat weeshuis weer…