Acht Kastelen Loop

Wedstrijd: Acht Kastelen Loop
Datum: 04.03.2018.
Afstand: 30km
Type: weg

Bitter koud… de hele week is het ijzig. Vrijdagochtend geeft de thermometer in de tuin -8.8 aan als ik aan mijn DL2 van 70 minuten begin. En de wind blaast er stevig bij – windkracht 5.

Maar dan ineens is het zondag, waait er een andere wind en schijnt de zon er lustig op los. Korte broek en shirt met korte mouwen dus voor de wedstrijd. Met wat wind in de rug en de zon op mijn hoofd is het eigenlijk zelfs te warm voor een shirt met korte mouwen.

De omslag van het weer is gunstig voor de Acht Kastelen Loop in Vorden. Ik loop de 30 kilometer, een wedstrijd die ik een keer eerder liep, in 2015. Toen samen met Ruud van der Wal op kop gelopen, alleen wist hij aan het eind, in de laatste kilometer, te versnellen en was ik dus tweede.

Ruud is er weer, Jay Sauer ook – die tijdens de Singelloop lang achter mij liep, zodat ik lang op zijn GoPro filmpje te zien was, maar in de tweede helft sneller was dan ik. En Nico Klein Poelhuis is er. Op het allerlaatst, gelukkig met goed gestrikte veters, stapt hij het startvak in. Ook hij wil ongeveer het tempo lopen dat ik van plan ben aan te houden – zij het op de halve marathon, maar de eerste 14 kilometer kunnen we dus samen lopen.

Dat tempo is ongeveer 3:40 min/km. En dat lukt best aardig in het begin. De wind is in het eerste stuk tegen, maar we komen steeds aardig op het juiste tempo door. Dat zou een eindtijd van 1:50 op moeten leveren.

Nico loopt nog even verkeerd bij het punt waar de halve en 30 afslaan en de 10 rechtdoor gaat, maar een kilometer of 2 later sluit hij weer aan en trekt ons tempo weer wat omhoog. Na kilometer 14 moeten we het echter met z’n drieen doen. Dat lukt ons prima. De wind is iets gunstiger in dit deel, maar toch begint het zwaar te worden. Ik heb twee flesjes sportdrank bij me, een op 10km en de tweede op 20km. En op die 20km gaat het drinken lastig, ik moet een gaatje laten vallen, maar hoop eigenlijk dat het gat voldoende klein blijft om het weer dicht te lopen.

Dat lukt niet. Lange tijd loop ik op een redelijk vaste achterstand achter Jay en Ruud. En dat is zwaar. De kilometer tijden kruipen achteruit, mijn bovenbenen beginnen zeer te doen en vanaf 25km ook pijn in mijn knieen. Het tempo begint nu echt in te storten. De 4 minuten per kilometer grens wordt gepasseerd in het laatste stuk tegen de wind. Deprimerend, afzien, een martelgang. Of mijn horloge optimistisch is, durf ik niet te zeggen, maar het lukt me kennelijk om de laatste (bijna) kilometer weer onder de 4 minuten per kilometer te duiken. Uiteindelijk komt ik anderhalve minuut na Jay en Ruud binnen. Dat is geen derde plek, want Gert-Jan Wassink is al ongeveer gedoucht als wij finishen. Net onder de 1:41 – een behoorlijke prestatie!

Trainer Herman is er ook, gewoon om te kijken hoe een aantal van zijn atleten het doen, en lijkt wel tevreden, alhoewel zijn enthousiasme ietsjes zakt na mijn beschrijving van de laatste paar kilometers. Er zat gewoon niet meer in vandaag. Te kort na de griep? 11 dagen geleden de trainingen weer opgepakt na 9 dagen geen meter te hebben hardgelopen. Of is 110 kilometer in de kou lopen geen goede voorbereiding voor de 30km van Vorden?

Thuisgekomen blijkt na een snelle check dat ik ondanks het op z’n minst zwakke einde, een veertigtal seconden van mijn PR afgelopen heb. Dat is dan toch wel weer een meevaller. En de enorme bloedblaar op mijn teen (relatief ten opzichte van die teen), die ik kennelijk tijdens het lopen gecreerd heeft, geeft ook een positief gevoel van mijn best gedaan te hebben.